BEZINNING BIJ DE KRUISVERHEFFING

Ieder jaar vieren we op 14 september het feest van de kruisverheffing; dit jaar dus op een zondag.

 

Het feest van de Kruisverheffing gaat terug op oude tijden en houdt verband met de verering van de reliek van het kruis van Jezus. Volgens de legende zou het kruis door de heilige Helena (de moeder van keizer Constantijn) in Jeruzalem zijn gevonden op 14 september 320. Op 13-14 september 335 werden in Jeruzalem de Constantijnse basilieken van Golgota en van het heilig Graf ingewijd. Daaruit ontstond het jaarlijkse wijding-feest van deze dubbele kerk, waarop tegelijkertijd de 'vinding van het heilig Kruis' werd herdacht. De voornaamste plechtigheid bij deze feestviering bestond in het tonen van het kruishout In het Westen ontstond later ook een feest van het heilig Kruis op 3 mei. De Perzen hadden de kruisreliek geroofd, en in 628 kreeg keizer Heraclius het kruis van de Perzen terug. Op 3 mei 629 zou de keizer dan de kruisreliek aan patriarch Zacharias van Jeruzalem hebben gegeven. Wat er ook van zij, in de Romeinse liturgie werd 3 mei het feest van 'Kruisvinding'  en 14 september het feest van 'Kruisverheffing'. De liturgische viering van dit feest is evenwel geen geschiedenisles, en evenmin een kritische analyse van legendevorming en reliekenverering. Het feest van Kruisverheffing richt onze aandacht op de betekenis van het kruis in ons leven. Mozes heft een slang omhoog in de woestijn (eerste lezing). Zo wordt ook de Mensenzoon omhoog geheven, opdat eenieder die gelooft in Hem eeuwig leven zal hebben (evangelie). Het feest van vandaag herinnert ons dus aan het gebeuren van Goede Vrijdag, maar het wijst ons ook naar Pasen. Jezus heeft de heerlijkheid ontvangen door als een slaaf de marteldood te ondergaan. Omhoog geheven van de aarde, trekt Hij alle mensen tot zich. Als wij zoals Jezus ons kruis dragen om met Hem te sterven, dan zullen wij ook met Hem mogen leven. Want niet de dood of het kruis hebben het laatste woord, maar de liefde die alles overwint.