BEZINNING BIJ DE EENTWINTIGSTE ZONDAG DOOR HET JAAR.

 

God dwingt ons niet

 

Toen de leerlingen van Jezus de woorden hoorden: "Mijn vlees is echt voedsel en mijn bloed is echte drank", zeiden ze: "Die taal begrijpen wij niet. Ze stuit iemand tegen de borst. Wie is nog in staat naar Hem te luisteren?". Daarom trokken velen van zijn leerlingen zich terug en verlieten zijn gezelschap. En, hoe reageert Jezus? Hij doet geen moeite om de leerlingen aan te zetten bij Hem te blijven. Hij zegt niet: "Je moet het niet zo ernstig nemen, zo heb Ik het niet bedoeld". Hij vraagt aan zijn leerlingen ook niet: "Hoe zouden jullie het dan graag hebben?". Neen, Hij wenst mensen bij Hem te hebben die meer willen dan brood alleen, die een diepere honger hebben naar leven, naar liefde; Hij wil mensen die honger hebben naar God. Daarom stelt Hij hen voor de beslissing: "Willen jullie soms ook weggaan?" Is dat stoerheid van Jezus? Neen, het is eerbied voor hun vrijheid, die als een rode draad door de hele Schrift loopt. Nergens wordt de mens door God tot geloof gedwongen. Liever neemt God genoegen met menselijke dwaalwegen en omwegen dan dat Hij de menselijke vrijheid zou minachten.

"Willen jullie soms heengaan?". In onze postmoderne, geseculariseerde wereld, wordt die vraag ook aan ons gesteld. En dan gaat het niet om een of ander geloofspunt, ook niet om het probleem: Jezus 'ja', de Kerk 'neen', maar het gaat over de heilsbetekenis van Jezus zelf. Is Hij alleen maar een sociaal, voorbeeldig mens of is Hij mijn Verlosser? Veel mensen willen hun leven zinvol maken, een eigen leefwijze opbouwen zonder bijbel, zonder Kerk, zonder Jezus.

Hoe reageren wij op die vraag van Jezus: "Wil ook jij soms weggaan?". De geloofshouding van de apostelen vinden wij terug in het woord van Petrus: "Heer, tot wie anders zouden wij gaan?". Ook als zij de woorden van Jezus nauwelijks kunnen begrijpen, blijven zij in Hem geloven. Zij weten dat zijn woorden, woorden zijn van eeuwig leven.

Achter deze woorden van Petrus willen wij ons stellen, want Petrus spreekt hier vanuit zijn eigen levenservaring: "Wij geloven en wij weten dat Gij de heilige Gods zijt". Dat neemt niet weg dat wij het ook niet moeilijk kunnen hebben met de woorden van Jezus. Wat vroeger vanzelfsprekend was, wordt nu in vraag gesteld, en dagelijks komen we in contact met andere levensbeschouwingen. We kunnen zelfs onze eigen kinderen niet dwingen, evenals Jezus moeten wij hun vrijheid eerbiedigen.

Als schijn niet bedriegt, zien wij toch dat steeds meer mensen de belijdenis van Petrus willen waar maken: "Heer, tot wie anders zouden wij gaan? Gij alleen hebt woorden van eeuwig leven". Opvallend hoeveel volwassenen zich in Frankrijk laten dopen. Ondanks het overvloedig aanbod van levensbeschouwingen, heeft het christendom de tijd overleefd, maar ook de tijd gekenmerkt met woorden van eeuwig leven. Denk de christelijke waarden maar eens weg uit onze samenleving. Wat blijft er over? Neen, ... wij zullen maar bij Jezus blijven.