BEZINNING BIJ DE VIJFDE ZONDAG DOOR HET JAAR.

 

Waarom doet Jezus wonderen?

 

"Wat wil Jezus voor ons betekenen?". Wij zullen telkens weer deze vraag moeten stellen, want voor christenen blijft Jezus een vraag. Wij kunnen over Jezus nooit het 'laatste' woord zeggen. De tijden veranderen, wij veranderen en ook het beeld van Jezus wijzigt met de tijd. In geen enkel beeld is Hij volledig te vatten en geen tijd raakt over Hem uitgesproken.

Vorige zondag hoorden wij in het evangelie dat Jezus macht heeft om duivels uit te drijven. Vandaag vernemen we dat Hij ook de macht heeft om zieken te genezen. De genezing van de schoonmoeder van Petrus is het kortste en het meest duidelijke genezingsverhaal uit het hele evangelie. Jezus gaat naar de zieke toe, pakt haar bij de hand en doet haar opstaan. De koorts verlaat haar. Er wordt geen woord gesproken. Even kort en bondig is ook de reactie van de genezene: "zij bediende hen!".

"Nu brachten ze allen die lijden en bezeten waren bij Hem. Heel de stad drumde voor de deur samen. Velen die aan allerhande kwalen leden, genas Hij". In hun nood zien de mensen in Jezus de wonderdoener die hen helpen kan. Het `waarom' zien ze niet. Hij kan hen helpen en daarom nemen zij Hem helemaal in beslag. Maar als de mensen sensatiewonderen verwachten en de apostelen komen zeggen: "iedereen zoekt naar U", geeft Jezus daaraan niet toe en zegt: "laten we ergens anders heen gaan". Dit soort zoeken wijst Jezus af. Hij doorziet hun hart dat niets anders wenst dan eigen voordeel en zo zullen zij Jezus nooit vinden.

Zo hebben ook wij God gebruikt als antwoord op onze vragen waar wij geen antwoord op wisten. Maar de tijden zijn veranderd. God is niet langer het antwoord op onze vragen. God vult de gaten niet, Hij is geen aanvulling voor onze onwetendheid, niet een weg naar welk vergankelijk geluk ook. Als we Jezus zien als wonderdoener is dit beeld te eenzijdig en onvolledig. Niet de wonderen maken de grootheid van Jezus uit. Zij zijn slechts verwijzing naar de diepere zending van Jezus. Door deze genezing wil Jezus duidelijk maken dat God het lijden ernstig neemt, dat Hij de mensen in hun lijden nabij wil zijn. Het zijn tekens van zijn barmhartig-bezig zijn met de mensen.

In de houding van de schoonmoeder van Petrus kunnen wij onszelf terugvinden. Haar antwoord op haar genezing was: zij bediende hen. De wonderen die over Jezus verhaald worden roepen ons op om naast de mensen te gaan staan in hun verdriet. Zoals Jezus de mensen nabij wil zijn in hun lijden, zo moeten ook wij de mensen nabij zijn in hun pijn, hun angst en hun onmacht. Dat is de samenvatting van ieder christelijk leven, in navolging van de Heer Jezus. Gods heerschappij in deze wereld begint daar, waar mensen niet meer op hun eigen voordeel bedacht zijn, maar God willen dienen vanuit hun geloof. Gods heerschappij wil dienstbaarheid in plaats van macht. 'Zij diende hen'.